UZA gaat resoluut voor langetermijnvisie

Bij het Universitair Ziekenhuis Antwerpen (UZA) gaat duurzaamheid hand in hand met de terugverdientijd van investeringen. Elke aankoop gebeurt doordacht en met oog op een lang gebruik.

“We willen alle materialen niet alleen optimaal benutten, maar streven ook naar een lager energieverbruik en minder afval”, aldus Dirk De Man, Hoofd technische dienst bij het UZA.

Return on investment is onlosmakelijk verbonden met de visie op duurzaamheid binnen het UZA. “Als we kosten kunnen besparen, zullen we het niet laten. Een investering bekijken we op lange termijn. Een aankoop van 1 miljoen euro kan, als die investering op lange termijn rendabel blijkt. Natuurlijk moeten we ook rekening houden met de specifieke regelgeving voor ziekenhuizen. We zijn bijvoorbeeld gebonden aan een bepaalde milieuwetgeving.”

Waterrecuperatie

Een van de milieu-inspanningen waar het UZA op inzet, is waterrecuperatie.

“We vroegen ons af hoe we ons water maximum konden recupereren binnen de huidige milieuwetgeving. Het UZA is toch geen klein ziekenhuis, dus met die hoeveelheden water is het niet makkelijk om te gaan. De kwantiteit die we nodig hebben is enorm. Het plaatsen van putten voor regenwaterrecuperatie geeft ons een opslagcapaciteit van 180.000 m³. Met honderd toiletten en koelwater voor de koeltorens is dat sneller weg dan je zou denken."

Maximale isolatie en 'nurse proof' muren

“Een gebouw in de zorgsector zet je niet voor vijf jaar. Het moet lang meegaan. Je moet dus vooruit durven kijken. Voor onze nieuwbouw kozen we daarom voor een maximale isolatie en voor minimale warmteverliezen en invloeden van buitenaf.

Zelfs met de schilderwerken gingen we doordacht om. We kozen voor een systeem dat twee keer duurder is in aankoop, maar de verf oogt na vijftien jaar nog mooi. Bij een traditionele werkmethode kun je alles na twee jaar terug schilderen. De verpleging maakt intensief gebruik van alle infrastructuur.

Bedden en karren stoten onvermijdelijk wel eens tegen de muren. Die moeten dus 'nurse proof' zijn. Hetzelfde geldt voor de deurkaders. Die zijn uit inox. De aankoopkost is hoger, maar na twee jaar ogen ze nog steeds proper. Het is dus op termijn terugverdienend en we winnen aan comfort, want we moeten niet zoeken naar oplossingen om patiënten te verplaatsen om renovatiewerken te kunnen uitvoeren. Dat is voor mij duurzaamheid. Maximaal gebruikmaken van de infrastructuur en zo je globale voetafdruk beperken.”

Ecologische schoonmaakproducten

Gezien de strikte hygiënevoorschriften die een ziekenhuis moet respecteren, lijkt het gebruik van ecologische schoonmaakproducten niet evident. Dat ontkracht Dirk De Man.

“Eigenlijk kun je voor zeventig à tachtig procent klassieke schoonmaakproducten gebruiken in een ziekenhuis. Daarvoor kochten we groene producten aan. In geval van besmettingsgevaar zijn we genoodzaakt om voor andere producten te kiezen. We laten ons hierover informeren door de markt en via sectoroverleg. We zitten ook in VSDV, de Verantwoordelijke Schoonmaak en Dienstverlening in Zorginstellingen. Bij hen volgden we studiedagen om te weten wat ons te wachten staat in de toekomst. Een pro-actieve houding is noodzakelijk. Als we er nu niet mee bezig zijn, krijgen we de rekening achteraf gepresenteerd.”

Bewustmaking nodig

Het UZA zet ook in op een strikte afvalscheiding en bewust energieverbruik. Maar hoe moeilijk is het om het verplegend personeel mee te krijgen in het duurzaamheidsverhaal?

“Niet iedereen heeft natuurlijk dezelfde filosofie. Hoe meer we er over praten, hoe bewuster de mensen worden. Maar dat heeft ook een keerzijde. Je kunt wel elke keer iemand er op wijzen om zijn pc uit te schakelen op het einde van de dag, maar na een tijdje zijn de mensen dat ook beu gehoord. Dan wordt het vermoeiend. We kiezen er daarom voor om onze boodschap om de x-aantal tijd te herhalen.

Ik merk wel dat de bewustwording toeneemt. Vooral wanneer mensen tegen bepaalde zaken aanlopen. Neem nu de beperkte parkeermogelijkheden. Mensen nemen daardoor meer de fiets, behalve bij regen. We zorgen er dan ook voor dat we genoeg investeren in fietsvoorzieningen. Op dit moment loopt er een aanvraag voor de aankoop van een extra fietsenberging. Dat zal sowieso geen issue zijn. Daarnaast stimuleren we carpooling.”

“Of de directie op dezelfde lijn zit? We hebben er nog nooit discussies over gehad. Als ik de return on investment kan verantwoorden, is er geen probleem. Zij zien ook in dat duurzame investeringen noodzakelijk zijn, zeker met een gebouw dat dateert uit 1979. Soms zien we ook af van mogelijke investeringen.

Zo onderzocht ik of het interessant was om zonnepanelen op het dak te laten leggen. Bleek dat we er maar 1,5 procent van de benodigde energie mee konden genereren. Bovendien konden we hiervoor geen steun krijgen van de overheid, wat toen voor andere sectoren nog wel mogelijk was. Ik geloof wel in warmte-krachtkoppeling (WKK) en windmolens. Maar het is niet evident qua vergunningen. WKK hebben wij gerealiseerd, voor windenergie onderzoeken we de mogelijkheden.”

Nood aan referentiekader

Wanneer we het over de betekenis van duurzaamheid hebben, is Dirk De Man duidelijk: “Het is een schoon woord, maar wat betekent het nu eigenlijk. Er bestaat geen kader waar we aan moeten voldoen binnen de zorgsector. Ik zit zelf in de nationale en internationale koepel van Technische Diensthoofden voor zorginstellingen en daar zijn de meningen over duurzaamheid heel verdeeld. Iedereen benadert dit vanuit zijn eigen hoek. Daarom is er nood aan een algemeen beleid voor Vlaanderen. Dan pas kunnen we het strategisch implementeren in onze werking.”