Column: "Wij doen niet aan MVO, wij zijn MVO"
De formulering van de missie van non-profitorganisaties, soms social profit genoemd, was tijdens de tweede helft van vorige eeuw altijd terug te brengen tot “we doen goed, we doen ‘het goede’ en we zijn ‘de goeie’”. Daarmee ging de boodschap gepaard dat het niet nodig was om verantwoording af te leggen, naar stakeholders bijvoorbeeld, of om zichzelf in vraag te stellen.
Non-profitorganisaties vertrekken immers vanuit het eigen gelijk, de eigen inhoud, de eigen visie en soms een heuse ideologie. Daar is op zich niets mis mee, maar het is onvoldoende garantie voor maatschappelijk verantwoord gedrag. Net zoals het maatschappelijk middenveld mag eisen dat bedrijven transparant zijn, blijk geven van goed bestuur en effectief moeten zijn in het bereiken van hun doelstellingen, mag de rest van de wereld, inclusief bedrijven, dat eisen van het maatschappelijk middenveld.
De reden waarom er in de vernoemde periode in deze organisaties niet zo’n nood was aan MVO, is simpel: de handel en wandel had amper consequenties voor de financiering. Het overheidsmanna kwam, mits het betere lobbywerk, uit de hemel vallen. Aanvullend kon men rekenen op een schare vurige aanhangers, al dan niet in grote getale. Het goede doel was eenvoudig, de financieringskanalen verzuild en van vermarkten van ideeëngoed was nog geen sprake.
Heilige huisjes
Maar de realiteit werd complexer, veranderingen versnelden, antwoorden waren onduidelijk of onbestaand, de burger werd een consument van ideeën, geloof en zingeving. Hij of zij ging ‘vereniging-shoppen’. Ondertussen krimpt de staat, wordt ze armer in een rijk Vlaanderen en kalven de subsidies af. Ideologisch kan je daar voor of tegen zijn, maar in deze eeuw werd dat proces heel duidelijk. En als gevolg van die realiteit moeten de ‘veilige werkplekken’ en de ‘heilige huisjes’ er nu ook aan geloven. Of niet? Want het antwoord op die gewijzigde omgeving is, minstens gedeeltelijk en zeker in functie van nieuwe financieringsbronnen, maatschappelijk verantwoord organiseren.
Maatschappelijk verantwoord organiseren begint met het besef dat er meer is dan ‘jouw inhoud’. Meer dus dan ecologie, of ontwikkelingssamenwerking, of zorg of hulpverlening of welke andere inhoud die men als organisatie, als medewerker, vertegenwoordigt. Onlangs nog had ik een hevige discussie met een medewerkster van Greenpeace die maar niet kon begrijpen dat duurzaamheid ook ‘internaliseren van kosten’ betekent. Als u een actie organiseert, mag u dus reële kosten niet afwentelen op derden omdat u die in uw budget niet voorzien hebt. Het ging geheel aan haar voorbij, vrees ik. MVO voor de non-profitorganisatie bestaat er dus in duurzaamheid te implementeren in processen, activiteiten, personeelsbeleid en ja, ook in de uiteindelijke impact.
Goed beheer
Maar de wereld willen redden vanuit één, soms nauw perspectief, zonder die andere perspectieven mee te nemen is kortzichtig. En dan moeten we het nog over goed beheer hebben. Ik zit wel eens in een algemene vergadering of een raad van bestuur. Ook dan biedt MVO een goede leidraad en soms bruikbare instrumenten om duurzamer, ethischer en financieel gezond te besturen, te investeren, te laten groeien en aan te werven.
Een NGO, een non-profitorganisatie, een socialprofitorganisatie kan wel degelijk een aspect van duurzaamheid heel hoog in het vaandel dragen. Maar daarom ‘zijn’ ze nog niet duurzaam of handelen ze niet noodzakelijk als ‘goede huisvaders’. In tegenstelling tot wat ze zelf beweren, ‘zijn’ organisaties niet MVO , dus kunnen ze maar beter aan MVO ‘doen’. Te beginnen met het goed in kaart brengen van hun stakeholders. En het maken van een MVO scan. Wie durft?
Lucie Evers
Lucie Evers is bedreven in de duurzame levensstijl, stichtte LUDI educatieve winkel met als missie ‘duurzame marketing van duurzame ontwikkeling’ en is Afgevaardigd Bestuurder van cvba vso De Natuurfrituur. Ze blogt als Eco Bitch op http://eco-bitch.blogspot.com.
