Belgische chemische sector presenteert eerste duurzaamheidsrapport
Essenscia, de federatie van de chemische industrie en life sciences, stelde eind 2009 haar eerste duurzaamheidsrapport voor aan de stakeholders. Als eerste industriële sector in ons land heeft chemie en life sciences de impact van zijn industriële activiteiten en producten becijferd, volgens 30 indicatoren.
In haar rapport maakt Essenscia een stand van zaken op van de prestaties op sociaal, ecologisch en economisch vlak. Aan het klassieke drieluik (People, Planet, Profit) werd een vierde luik over de products toegevoegd. Daarmee wilde de sector het belang aantonen dat ze hecht aan een verantwoord en duurzaam gebruik van producten in het dagelijkse leven. Klemtoon ligt ook op verantwoord beheer van producten die aan het einde van hun levenscyclus zijn gekomen door hergebruik, recyclage en energierecuperatie. Het rapport is gebaseerd op de GRI-methodologie.
In het rapport komen vier indicatoren aan bod, telkens met een eigen hoofdstuk. Eerst economische indicatoren. Daaruit blijkt bijvoorbeeld dat de sector chemie en life sciences een kwart van onze industriële activiteiten vertegenwoordigt. De productie staat voor meer dan 11 miljard euro toegevoegde waarde. Het is tevens België’s grootste exportsector: 75% van de producten zijn voor export, waarvan 12% naar de nieuwe opkomende industrielanden als China, India, Brazilië en Rusland. De chemische sector is ook goed voor de helft van de nationale uitgaven voor Onderzoek en Ontwikkeling. Gemiddeld investeert de sector jaarlijks 1,8 miljard euro in nieuwe producten en installaties.
Tweede hoofdstuk betreft de sociale indicatoren. De chemische industrie en life sciences stelt in België 94.000 mensen rechtstreeks te werk, en nog eens 150.000 onrechtstreeks. Meer dan een kwart ervan zijn vrouwen. Velen daarvan zijn hoog opgeleid. De sector investeert jaarlijks meer dan 100 miljoen euro in opleidingen. Er werken veel meer ouderen dan jongeren in de sector. Arbeiders in de sector laten wel het hoogste absenteïsmecijfer optekenen van de hele Belgische economie. Sinds tien jaar vertoont het aantal arbeidsongevallen nochtans een aanhoudende dalende trend.
In het derde hoofdstuk komt de pijler energie aan bod. Inherent aan de sector chemie en life sciences is het hoge energieverbruik. 90% van die energie komt van elektriciteit en gas. De omschakeling van aardolie naar aardgas zorgde voor een reductie van CO2 – emissies. Investeringen in industriële processen deed de uitstoot van broeikasgassen over de laatste 20 jaar met 60% afnemen. De sector gebruikt 740 miljoen m3 voor zijn activiteiten, waarvan bijna 90% als koelwater. Leidingwater en grondwater maken slechts 11% uit van het totale waterverbruik. De sector gebruikt inmiddels 60 % herbruikbare verpakkingen en tracht de logistiek vaker via schepen en pijpleidingen te laten verlopen. Toch verloopt nog meer dan de helft van het vervoer over de weg, en slechts 6% via het spoor. Warmtekrachtkoppeling kende een steile opgang in de sector.
Tot slot een hoofdstuk over de products. Essenscia verwijst naar internationale studies inzake broeikasuitstoot van chemische producten en geeft voorbeelden van hoe producten van de sector kunnen bijdragen tot duurzame ontwikkeling in de toekomst. Essenscia zelf heeft in samenwerking met en met steun van de gewestelijke overheden een structuur uitgewerkt die bedrijven bij de toepassing van Europese verordeningen kan begeleiden: VLARIP voor Vlaanderen en WALRIP voor Wallonië.
Het gehele rapport met cijfermateriaal en gedetailleerde info per productgroep kan u nalezen op de website van Essenscia.
Veerle Mertens
Meer info:
