De Lijn wil groener zijn

contactpersoon:
Pieter Claeys
website:
www.delijn.be

Wie de bus neemt in plaats van de auto, spaart sowieso het milieu. Maar de Vlaamse vervoermaatschappij De Lijn wil haar bussen en trams nog groener maken. Want ook overheidsbedrijven moeten hun steentje bijdragen op vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemen. “De Lijn heeft een voorbeeldfunctie in de maatschappij. Daar zijn we ons van bewust”, zegt duurzaamheidscoördinator Pieter Claeys.

Groene stelplaats De Lijn

Groen bedrijfsbeleid
Drie jaar geleden kwam De Lijn uitgebreid in de media met een wereldprimeur. De eerste hybride waterstofbus werd getest. Maar dat is slechts één van de investeringen in het voertuigenpark. Zo werden al heel wat oudere bussen van een roetfilter voorzien. En intussen verschijnen ook steeds meer hybride bussen op straat. “Tegen het voorjaar van 2011 moet onze bestelling van 79 hybride bussen volledig opgeleverd zijn. Dan zal 3,5 procent van onze bussen hybride zijn. We hopen dit percentage de komende jaren nog sterk te verhogen. Ter vergelijking: hybride personenwagens maken minder dan 0,5 procent van het Vlaamse wagenpark uit.” Ook met elektrische bussen zitten ze bij de vervoermaatschappij in het achterhoofd. Het wagenpark van De Lijn evolueert duidelijk mee met de technologie.

Binnenshuis onderneemt Pieter Claeys eveneens actie. Daarmee wil hij onder andere de werknemers stimuleren om duurzaam te denken. “Er worden bij De Lijn heel veel initiatieven genomen om het milieu te sparen. Soms gaat het om relatief kleine maatregelen zoals FSC-papier gebruiken, natuurvriendelijk groenonderhoud of LED-verlichting in de kantoorgebouwen. Maar de grootste impact van de afgelopen jaren was natuurlijk de beslissing van de directie om al onze kantoren en trams van groene energie te voorzien.”

Duurzaam denken
“Duurzaamheid is voor ons heel belangrijk”, gaat Claeys verder, “Toen ik hier twee jaar geleden begon, viel mij al op dat heel veel mensen - op alle niveaus - daarvoor open staan. Ook de directie is hier echt mee begaan. Bijvoorbeeld ons programma om achteraf alsnog roetfilters in te bouwen in al onze oudere bussen waar het technisch mogelijk is, is uit economische overwegingen niet helemaal te rechtvaardigen. Maar wij doen het tóch omdat we onze maatschappelijke verantwoordelijkheid willen nemen. Als ik dan hoor hoe moeilijk het is om particulieren - hoewel de kosten voor honderd procent terugbetaald worden - te overtuigen om zo’n roetfilter te plaatsen, dan prijs ik mij gelukkig bij De Lijn.”

In het MVO-beleid van De Lijn staan de drie P’s van people, planet en profit centraal. “People hebben we opgesplitst in enerzijds klanten en personeel en anderzijds maatschappij. Onder die laatste pijler vallen bijvoorbeeld onze bijdragen aan het mobiliteitsbeleid dat Vlaanderen aangenaam en leefbaar moet houden. We willen de Vlaming nog meer stimuleren om de auto thuis te laten”, zegt Claeys. “We hebben aan de klassieke drie P’s overigens nog een belangrijk element toegevoegd: bedrijfscultuur en mentaliteit. Ik vind het belangrijk dat niet alleen ik, maar iedereen binnen het bedrijf maatschappelijk verantwoord denkt en handelt. Op die manier kunnen we veel meer realiseren.”

Aanwezigheidsbeleid
Naast milieu en mentaliteit heeft de vervoermaatschappij oog voor het sociale aspect. “Zo werken we bijvoorbeeld actief aan de diversiteit binnen het bedrijf. Vrouwen en allochtonen verdienen bij ons zeker een plaats. We hebben streefcijfers opgesteld inzake diversiteit. Al wordt het dit jaar moeilijk om deze te halen gezien De Lijn door de besparingen veel minder nieuwe mensen aanwerft.”

Een ander punt waar De Lijn in het kader van de besparingen op focust is het aanwezigheidsbeleid. “Er zijn voldoende studies die aangeven dat gemotiveerde en tevreden medewerkers minder vaak afwezig zijn op het werk. Dit is een duidelijke win-winsituatie, want de afwezigheid van werknemers opvangen kost een pak geld”, aldus Claeys. “Een bijkomend onderdeel van ons duurzaam personeelsbeleid zijn de diverse acties rond competentiemanagement waarbij we de competenties van de werknemers in kaart brengen. Daardoor kunnen we gerichter investeren in opleidingen. Over al deze acties rapporteren we trouwens uitgebreid in ons jaarverslag.”

“Binnenkort wordt trouwens een nieuwe beheersovereenkomst voor 2011-2015 afgesloten. Wij hebben voorgesteld om het aspect duurzaamheid daarin wat prominenter aan bod te laten komen. Zo wil onze voogdijminister Hilde Crevits dat we ons wagenpark verder vergroenen en een flinke energiebesparing realiseren. Als indicator gebruiken we hiervoor in de toekomst wellicht de ecologische voetafdruk. De minister hecht ook veel belang aan het integriteitsbeleid.”

Internationale regels
Het systeem dat De Lijn heeft opgebouwd om MVO te integreren in de organisatie is een amalgaam van technieken, normen en methodieken uit diverse bestaande duurzaamheidsmanagementsystemen. “Grotendeels volgen we de nieuwe ISO 26 000-richtlijnen”, zegt Claeys, “De Lijn is een volledig Vlaams bedrijf, een heel aantal van die internationale aspecten zijn voor ons minder van toepassing. Ook al hou ik niet van een sterk procedurele aanpak, toch mogen onze inspanningen ook niet te vrijblijvend zijn. De Lijn is namelijk een zeer groot bedrijf dat sterk lokaal vertakt is. Nu worden er vaak in elke afdeling afzonderlijk kleinere initiatieven rond MVO genomen. Om MVO volledig te integreren in de bedrijfsstructuur hebben we wel een managementsysteem zoals bijvoorbeeld ISO 14 000 of EMAS nodig, denk ik.”

Een bedrijf met 8 400 werknemers en vertakkingen in gans Vlaanderen verduurzamen is natuurlijk een enorme uitdaging. Toch is het geen onmogelijke taak, meent Claeys:“De diensten van De Lijn zijn immers op zich al groen. Door de auto in te ruilen voor bus of tram stoot je namelijk minder CO2 uit. Ik denk dat het daardoor makkelijker is om geloofwaardig over te komen. Tegelijk verontrust het grote gewicht van de maatschappelijke perceptie mij. Als morgen een hybride bus zou uitbranden, wordt wellicht moord en brand geschreeuwd over onze beslissing om in die technologie te investeren. Al onze andere vergroeningsmaatregelen worden dan vergeten.”

Of hij nog één tip heeft voor beginnende collega’s? “Zie het niet te groots. Stap voor stap kan je een pak werk realiseren, maar je moet niet na een jaar al achterom kijken en je afvragen wat je al gerealiseerd hebt. Ingrijpende veranderingen hebben wat tijd nodig.” (SG)

Meer info: www.delijn.be/milieu

Uw selectie

  • Energie
  • Maatschappelijke dienstverlening
  • Praktijkvoorbeelden
Terug naar selectie


Navigatie


Zoeken



© MVO Vlaanderen Koning Albert-II laan 35 bus 20, 1030 Brussel info@mvovlaanderen.be tel. 03 205 91 69 disclaimer naar boven
Deze website draagt het Anysurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites