Center Parks: “Veel ondernemers staan nu pas op het kruispunt om de groene pijltjes te volgen, wij zitten al heel lang in het bos.”

website:
www.centerparcs.be

Een interview met Jean Henkens, bioloog en groene architect bij Center Parcs, en Stefaan Ketels, milieucoördinator. Center Parks integreerde vanaf de opstart groene maatregelen op een creatieve manier. “Bedrijven gaan steeds meer de ecologische toer op, maar alles moet natuurlijk commercieel realistisch zijn. Wij noemen dat hier ecolomie. De grote uitdaging is om een omgeving te creëren die zichzelf in stand houdt. Daarvoor moet je creatieve keuzes kunnen maken.”

Een ecologisch vakantiepark bouwen, hoe doen jullie dat?

Jean Henkens: “Om te beginnen bouwen wij altijd in bosgebieden. Daarbij is architectuur ondergeschikt aan de natuur, overbodige bouwkundige luxe die geen functie heeft in ons product wordt geweerd. In een bos ga ik op zoek naar de vlakste vrije stukken. Het is ergonomisch mogelijk op zo’n manier te bouwen dat je zo weinig mogelijk moet uitgeven. Het vloerniveau moet aansluiten bij het maaiveld. Dat heeft als voordelen dat je geen trappen nodig hebt, je hebt geen extra uitgaven voor personen met een handicap, als er geen kelders zijn moet je minder verwarmen, je hebt minder last van grondwater, je hoeft geen grond weg te graven of aan te voeren en de bossen rondom de bungalows houden zichzelf in stand waardoor er weinig arbeid voor nodig is om ze te onderhouden. Dat alles zorgt ervoor dat de kosten bij investeringen laag gehouden worden. En de klant loopt recht het bos is, hij krijgt wat hij verwacht.“

Jullie strijden er niet om de meest moderne bungalows aan te bieden?

Jean Henkens: “Neen, de natuur raakt nooit oud, dus waarom zou je meedoen aan hypes? Een klant die na vijf jaar opnieuw komt zal niet zeggen ‘wat ziet die boom er ouderwets uit’. Natuur neemt hier architectuur over. Zo zijn ramen in mijn ogen functioneel: ze zorgen voor licht, uitzicht, isolatie en een naadloze overgang tussen binnen en buiten. Voor mij hebben ze geen architecturale waarde. Een design met verschillende kleine raampjes is misschien mooi, maar kost veel in plaatsing, verf en onderhoud. Dat is onzin. Wij trachten minimalistisch te denken en te ontwikkelen zonder afbreuk te doen aan comfort. We hebben in zekere zin succesvol een antitrend ontwikkeld door niet mee te doen aan hypes.”

Creatief met bomen dus?

Jean Henkens: "Ja. Dat kan eenvoudig. Wij hebben in onze groep het grootste aandeel tropische boomsoorten van Europa. Die hebben, naast een aangename groene uitstraling, meerdere functies. Als het in de zomer warm is zorgen ze voor schaduw wat bespaart op airco, als het in de winter sneller donker wordt dan snoeien we ze voor meer licht, wat dan weer elektriciteit bespaart. Ze dempen ook geluid, handig in ruimtes met spelende kinderen. Verder zorgen ze voor een gezonder binnenklimaat. Ondernemers moeten dus creatiever leren omgaan met natuurlijke materialen.”

Voor Jean Henkens is het zoeken naar ecologische oplossingen een passie. Eén van zijn nieuwste vondsten is een muur van kleine keien. Vissersvrouwen die hun man verloren tijdens de tsunami maken tegels van een vierkante meter die ze netjes bezetten met keien die ze langs het strand vinden. Dat is ecologisch en bovendien goedkoop: “We betalen 25 euro per tegel. Ze zijn mooi en duurzaam, we steunen de vrouwen ermee. Mijn plan is er een warme massagemuur van te maken waar water overheen stroomt. Zo simpel kan creatief groen denken zijn.”

Het onderhoud van jullie natuur kost toch een pak geld?

Jean Henkens: “Dat is iets waar je de natuur zelf voor kan gebruiken. Neem nu onze tropische bomen. Af en toe komen er natuurlijk ook insecten mee in de vracht. Normaliter bestrijdt je die met chemicaliën. Dat kan natuurlijk niet als er gasten in de buurt zijn, het zou ’s nachts moeten gebeuren en die beestjes worden resistent, waardoor de kosten en vervuiling oplopen. Wel, wij bestrijden hen met hun natuurlijke vijanden. Een aanzienlijke besparing en het systeem houdt zichzelf in stand.”

Weet het personeel dit allemaal?

Jean Henkens: “Center Parcs heeft 12.000 personeelsleden in vier landen. De mate van informatie hangt samen met het niveau. Ik zorg er persoonlijk voor dat nieuwe managers meteen ons ‘sustainable thinking’ begrijpen. Als verwelkoming start ik om zes uur ’s ochtends een wandeling met hen, ze moeten bij wijze van spreken wat ‘wonen in het bos’ betekent. Ik leg uit hoeveel moeite het kost om systemen te ontwikkelen waardoor een terrein van 100 ha met 800 huizen met alle centrale faciliteiten toch een hoogwaardig natuurgebied kan zijn. Als je in die filosofie past blijf je lang binnen het bedrijf.”

Stefaan Ketels: “Ons personeel wordt o.m. op de hoogte gehouden door de personeelskrant, waarin altijd aandacht voor het milieu is. Onze poetsvrouwen weten waarom ze bepaalde producten niet gebruiken en waarom ze moeten doseren. Ze staan er voor open als je iets goed uitlegt, je moet niet zomaar regels dwangmatig opleggen. Het gaat om gastvriendelijk communiceren, ook onder elkaar. Zo gaan die ideeën ook buiten het bedrijf leven.”

Elke dag heeft iemand per shift “vijf minuten voor veiligheid en milieu” voor ze eraan beginnen. Zo kan iemand eens gaan kijken hoe ons afval gescheiden wordt en zijn of haar bevindingen in het logboek schrijven. Binnen de week moet de verantwoordelijke gevolg geven aan die opmerkingen. Op die manier wordt iedereen betrokken en draagt elk een stukje verantwoordelijkheid.”

Hoe organiseren jullie dit allemaal?

Stefaan Ketels: “We hebben een energiewerkgroep met vertegenwoordigers uit al onze landen. Samen bepalen we doelstellingen. Uiteraard kan je niet zuiver ecologisch denken, economisch denken op lange termijn is noodzakelijk. Als je zuiver economisch denkt heb je korte termijnwinst, maar op lange termijn kan je succesvol worden en je producten evalueren. Ondernemers weten dat een product een ziel moet hebben.”

Kosten en baten?

Stefaan Ketels: “Omdat we hier al zolang mee bezig zijn is het niet simpel om te vergelijken met wat het anders zou kosten. Bij alle aankopen kijken we naar de milieu-impact, het comfort van de gasten en het kostenplaatje. Een voorbeeld is de plaatsing van warmtekrachtkoppeling voor de zwembaden in de Vossemeren. Warmte wordt opgevangen en hergebruikt voor het water, en de generator van de motor wekt elektriciteit voor het park op. Dat bespaart al snel 25.000 euro per jaar op de energiefactuur. Hetzelfde voor de lantaarns langs de wandelpaden. Omdat mensen er niet naar kijken maar gewoon licht op hun weg willen hoeven die niet per se hoog te zijn. Lampen een meter lager plaatsen is een stuk goedkoper en erg functioneel.” Meer doelstellingen tegen 2010 bij Center Parcs zijn: stimuleren van biodiversiteit binnen en buiten hun parken, bij nieuwe bouwprojecten de wettelijke normen 20 % strenger toepassen, het energieverbruik met 10% verminderen, water besparen en minder afval produceren en het groene bewustzijn vergroten onder gasten, medewerkers en leveranciers. Center Parcs adopteert ook dieren van illegale import, zuivert water via rietvelden, installeerde de laatste jaren 51.000 spaarlampen, bespaart tot 15% op water door waterbesparende douchekoppen en reservoirs met spaarknoppen op toiletten, verwarmt de wasserette op Erperheide met zonnepanelen, gebruikt 90% minder chloor dan een gemiddeld zwembad omdat ze chloor ioniseren door UV-stralen te activeren. Vanaf 2009 wordt de volledige energiebehoefte van Center Parcs vervuld met groene stroom.

Veerle Mertens

Uw selectie

  • Ontspanning, cultuur, sport
Terug naar selectie


Navigatie


Zoeken



© MVO Vlaanderen Koning Albert-II laan 35 bus 20, 1030 Brussel info@mvovlaanderen.be tel. 03 205 91 69 disclaimer naar boven
Deze website draagt het Anysurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites